Terug naar  HomePage
 


Snoeien van rode-en witte aalbessen

Rode- en witte aalbessen zijn makkelijk te kweken en erg vruchtbaar.
Het is jammer dat ze niet meer in de tuin worden gekweekt. Het grootste probleem bij rode bessen is,
dat de vogels zowel knoppen als bessen erg lekker vinden.
Men kan dat voorkomen door het gebruik van netten, afschrikwekkende middelen of een
permanente fruitkooi. Als men last heeft van vogelschade snoeit men pas in het voorjaar, zodat
men de schade goed kan zien en er rekening mee kan houden.
De witte rassen - met als voorbeeld "Witte Hollandse" - worden op dezelfde manier behandeld als
de rode rassen.
De aalbes wordt meestal als miniatuurstruik met open kroon gekweekt, met een korte stam
of acht uitstralende, permanente takken. De stam wordt bij de vorming gemaakt.

Het eerste jaar.

Een- tot tweejarige struiken zijn voor het planten het best. Bij het planten in november kort men
de takken in met helft op naar buiten gerichte knoppen. Deze snoei maakt de takken stijver, zorgt dat de
verlengscheut in de juiste richting groeit en stimuleert de vorming van zijtakken.
Scheuten vanaf de stam of onder de grond worden bij verschijnen weggenomen.
Aan het eind van de eerste herfst kort men de gesteltakken met de helft van de verlenging in,
op een naar buiten gerichte knop. Kies goed geplaatste secundaire scheuten, die geschikt
zijn voor nieuwe takken en snoei die met de helft tot op naar buiten gerichte knoppen terug.
Uiteindelijk zal dit leiden tot acht of meer gesteltakken. Alle andere zijtakken moeten worden
teruggesnoeid tot 5 cm van hun basis om spoortjes te vormen. Neem al het dode, zieke en
beschadigde hout weg.

Tweede en volgende jaren.

Gedurende de zomer moet het takkengestel duidelijk te zien zijn. In juli kort men ongewenste
zijtakken in op zo'n 10 cm, maar laat de gesteltakken ongesnoeid.
In de winter herhaalt men de snoei van de gestelkakken met de helft van de verlenging op
een naar buiten gerichte knop. Kort de in de zomer gesnoeide zijtakken in op 2.5 cm.
Haal al het dode, zieke en beschadigde hout weg. In de zomer snoeit men ongewenste
zijscheuten op 10 cm zodra de vruchten beginnen te kleuren.
Dit maakt het kleuren en plukken makkelijker.

Voorbeelden

Het eerste jaar



December
Een eenjarige struik bij het planten. Snoei de takken met de helft
terug tot naar buiten gerichte knoppen.




November
Snoei de gesteltakken met de helft in tot naar buiten gerichte knoppen.
Kies goed geplaatste scheuten om gesteltakken te vormen en snoei ze terug met
de helft, op naar buiten gerichte ogen. Snoei alle andere zijscheuten in op
5 cm. Neem grondscheuten weg.

Tweede en volgende jaren.


Juli
Snoei ongewenste zijtakken op 10 cm om licht tot de bessen toe te laten.
Geen snoei van het gestel.



November-Februari
Snoei de hoofdverlengingen met de helft terug op naar buiten gerichte knoppen.
Snoei de zijtakken die al gesnoeid zijn op 10 cm, terug tot 2,5 cm.

VERMEERDERING

De tuinier die graag zijn bessenstruiken wil vermeerderen, kan dit gemakkelijk doen door in oktober stekken te nemen van gezond jong hout van hetzelfde seizoen. Elke stek moet recht zijn en zo dik als een balpen, niet dunner. De top van de scheut moet worden weggenomen en de sneden moeten net boven een hoog geplaatste knop en net onder een knop aan de basis worden gemaakt. De stek moet ongeveer 30 cm lang zijn.
Dit heeft directe invloed op de snoei, omdat de volgende stap het uitkiezen van vier grote, goed geplaatste knoppen aan de top is e het wegnemen van alle andere.
Het is de bedoeling dat de gewortelde stek begint met vier goede takken en een kort stammetje van zo'n 10 cm tussen de laagste tak en de grond.
De stekken worden in de koude grond gestoken en moeten na een jaar ver genoeg zijn om te worden uitgeplant.